Archive for mei, 2018

Datum

schilderijtjeIk hou al bijna twintig jaar een dagboek bij. Niet zo eentje waar ik heel erg diepe gevoelens of ingewikkelde zielenroerselen in dump, maar een Word-bestandje waarin ik beknopt noteer wat er per dag gebeurd is. Omdat ik het een fijn idee vind dat elke dag zo een beetje bewaard blijft. En als je lang genoeg zo’n dagboek bijhoudt, dan wordt het vanzelf een handig naslagwerk waarin je op kunt zoeken wanneer iets precies gebeurde. Of waarin je terug kunt zien hoe je leven er vijf, tien, vijftien jaar geleden uitzag.

Vandaag exact zeventien jaar geleden legde ik met klasgenoten de laatste hand aan ons project voor de eindexpositie van het Grafisch Lyceum. Exact vijftien jaar geleden speelde ik met mijn bandje Striving Higher in de kleine zaal van de 013 in Tilburg. Exact tien jaar geleden zat ik in Guatemala in een bus van Antigua naar Panajachel. Exact zeven jaar geleden had ik een sollicitatiegesprek bij een bedrijf waar ik uiteindelijk nooit meer iets van hoorde. Exact vier jaar geleden beklommen Linda en ik de vulkaan Santa Ana in El Salvador. Exact twee jaar geleden struinden we door Athene. Exact een jaar geleden gingen we voor de eerste keer op vakantie met Sam en Anne, met de auto naar Normandië.

Voor sommige dingen heb je uiteraard geen dagboek nodig. Onze dochters werden geboren op 5 september 2016. Sam om 15.55 uur, Anne drie minuten later. Dat dreun ik zo op.

Soms stuit ik op een mooi toevalligheidje dat ik zonder mijn dagboek nooit opgemerkt zou hebben. Laatst zocht ik op wat ik een jaar voor de geboorte van onze dochters deed. Linda en ik waren toen in Otavalo, Ecuador. Als het bij ons vier uur ’s middags is, dan is het daar tien uur ’s ochtends. Rond dat tijdstip waren we op de plaatselijke markt. Ik kocht daar een mini-schilderijtje, als souvenir. Tot op het uur precies een jaar voor de geboorte van onze dochters. En al sinds september 2015 staat dat op mijn nachtkastje en is het het eerste wat ik ’s ochtends zie.

Advertenties

Leave a comment »

Eindexamen

img329

Stilte is goed nieuws. Een geluid is slecht nieuws. Heel slecht nieuws. En dan moet je een uur lang hopen dat je dat geluid niet ineens hoort. Dat is een marteling.

Eigenlijk is het barbaars om eindexamenkandidaten alleen te bellen als ze gezakt zijn. Geen idee of het nu nog zo gaat, maar in mijn tijd wel. Er zijn natuurlijk veel leerlingen waarvoor de uitslag sowieso een formaliteit is, omdat ze eigenlijk al weten dat ze het toch wel gehaald hebben. Ik was in 1996 niet zo’n leerling. Ik was zo nerveus voor de uitslag, dat ik de nacht ervoor geen minuut heb geslapen. En het uur waarin ik gebeld kon worden, tussen elf en twaalf, was amper door te komen.

Uiteindelijk werd ik tijdens dat uur dus toch gebeld. Om tien voor twaalf klonk het gevreesde geluid. Gelukkig was het geen leraar met slecht nieuws. Het was mijn vader, die vanaf zijn werk vroeg of er al gebeld was. Vijf minuten later ging de telefoon weer. Mijn oma, met dezelfde vraag. Het bleef bij die twee telefoontjes. Ik was geslaagd. Maar ik was ongetwijfeld de beste van de klas qua met de hakken over de sloot gaan.

Volgens mijn citotoets had ik met gemak het vwo aan moeten kunnen. Uiteindelijk deed ik vijf jaar over de mavo. Bij elk eindrapport was het spannend. Ik had zo’n hekel aan school, dat ik het te vaak niet op kon brengen om mijn huiswerk te maken. Daarnaast kan ik dingen die ik niet zo interessant vind gewoon niet zo goed onthouden, denk ik. Ik kan moeiteloos de 29 studioalbums van The Beach Boys chronologisch opdreunen en ik weet precies met welke twintig selectiespelers het Nederlands Elftal in 1988 het EK won en bij welke clubs ze speelden. Maar een wiskundige formule of een rijtje Duitse naamvallen? Bleef gewoon niet hangen. Zelfs niet als ik er wél echt goed op gestudeerd had.

Van mijn diploma-uitreiking herinner ik me twee dingen. Dat mijn leraren op een rijtje stonden om ons allemaal een handje te geven en dat mijn geschiedenisleraar me feliciteerde met de woorden “Joost! Niet verwacht jou hier te zien!”. En dat veel vaders vol ongeduld hun horloges in de gaten hielden, omdat de EK-wedstrijd Nederland – Zwitserland al begonnen was. Het was geen heel glorieus slot na vijf jaar hard werken. Althans, ik had het ervaren als hard werk. Ondanks dat ik natuurlijk nog veel harder had moeten werken.

En daarna begon op het Grafisch Lyceum alles weer vanaf nul. Maar eerst was er een hele lange zomervakantie. Van een week of tien. Ik ging met klasgenoten op de fiets naar Dynamo Open Air (drie keer op en neer, omdat nog niet iedereen van z’n ouders mocht blijven kamperen). Ik mocht met mijn neef en zijn vrienden mee naar Rock Werchter. De toen splinternieuwe CD ‘Evil Empire’ van Rage Against The Machine zat bijna vastgeroest in mijn discman. Ik werd voor de eerste keer dronken, gaf over in de kroeg en viel op weg naar huis een keer of vijf van mijn fiets. Tientallen uren per week mishandelde ik mijn eerste elektrische gitaar. Ik ging met familie kamperen in Frankrijk. Een leuk meisje flirtte daar opzichtig met me. Ik had dat nog nooit meegemaakt en durfde niet te reageren.

Elk jaar doet het me toch wel wat als in het straatbeeld de vlaggen en boekentassen weer verschijnen. Dan ben ik blij voor de eigenaars van die tassen. Vier, vijf of zes jaar aan bloed, zweet en tranen gaat samen daarmee het raam uit. Alle proefwerken, rapporten en ouderavonden waar je je al die tijd zorgen over maakte doen er ineens helemaal niet mee toe. Eind goed, al goed.

Maar dan moet eigenlijk alles nog beginnen.

Leave a comment »

Jaja en Jaja

Onze dochters zijn nu twintig maanden oud en beginnen steeds meer woordjes te leren. En dat is soms verdomd handig. Het kan immers best lastig zijn om te raden wat er loos is als je het moet doen met alleen gejammer, gehuil of een pruillipje. Gelukkig kunnen ze nu vaak al aangeven wat ze willen. Eten. Meer. Tutje. Pop. Zitten. Uit. Mama. Papa. Oma. Opa. Buiten. Jas. Bedje. Thuis.

Ze zitten nu nog in een fase waarin elk nieuw woordje nog best bijzonder is. Maar minstens zo gaaf vind ik het als ze een woord nog te moeilijk vinden en zelf met een alternatief komen. Ik zie daar creativiteit in. Vaak gaan ze dat woord dan ook meteen allebei gebruiken. De afgelopen maanden hebben we uit hun eigen taaltje onder meer toettoet (auto), tiktak (klok), pee-je-pee (hun loopfietsje met PSV-logo’s), toeta (toetje), o-oe (vogel) en tappe (lopen) opgevangen. Ook hebben ze, echt geen idee waarom, elkaar wekenlang consequent Jaja genoemd. En dan waren er nog wat veelgebruikte woordjes waarvan we nooit de eventuele betekenis hebben begrepen. Boeta-boeta. Entie-papa-entie-mama.

Inmiddels gaan ze al voorzichtig richting de eerste korte zinnetjes. “Mama thuis, nee?” vroeg Anne laatst, toen Linda inderdaad niet thuis was en ik ze in m’n eentje uit bed kwam halen.

Ze kunnen tegenwoordig ook prima hun eigen namen zeggen. Maar van mij mogen ze voorlopig ook nog wel een beetje Jaja en Jaja blijven.

Leave a comment »