Hints

Ik word soms achtervolgd door liedjes. En dan heb ik het niet over liedjes die veel te vaak gedraaid worden op de radio (hallo Ed Sheeran), of over liedjes die alsmaar in mijn hoofd blijven hangen ondanks dat ik ze vreselijk vind (nogmaals hallo Ed Sheeran). Ik heb het over liedjes die je niet dagelijks hoort, maar die ineens mijn aandacht trekken en daarna steeds maar op blijven duiken. Soms zo vaak dat de hoeveelheid toeval een beetje belachelijk wordt.

Een voorbeeld. Enkele jaren geleden. Ik zat op mijn werk en hoorde ‘Enjoy the Silence’ van Depeche Mode op de radio. Destijds stond elke zaterdag op de markt in Tilburg een kraam met tweedehands platen en ik nam me voor om daar eens te gaan zoeken naar de single van dat liedje. Dus op zaterdagmiddag begon ik door de bakken met afgeleefde singletjes te spitten. In de kraam stond een radio aan. Na een paar minuten kwam ‘ie weer op de radio: ‘Enjoy the Silence’. Ik vond het singletje uiteindelijk niet. Voordat ik naar huis ging, liep ik nog even naar de inmiddels helaas niet meer bestaande platenzaak Tommy. Ik kocht daar de nieuwe ‘Vans Warped Tour Compilation’, een jaarlijks verschijnende verzamel-cd met nieuw werk van een hele hoop punkrockbands. Ik keek op de achterkant en zag een niet eerder uitgebracht nummer van mijn favoriete punkband No Use For A Name: een cover van ‘Enjoy the Silence’.

Recentelijk had ik weer zoiets. Ik hoorde een liedje op de radio. Ik herinnerde het me heel vaag, van lang geleden, uit mijn jeugd. Het was zo’n liedje dat je maar eens in de zoveel jaar op de radio hoort. Ik vond het mooi, het had vooral een heel erg goed refreintje. Dit was er eentje die ik moest onthouden. Dus zette ik de titel en de naam van de uitvoerende in een Word-bestandje en sloeg dat op. Maar uiteindelijk vergat ik het toch weer. Een paar maanden daarna schoot het me ineens weer te binnen, die notitie. Waar stond dat bestandje? Ik wist het niet meer. Hoe heette dat liedje, hoe heette die zanger? Geen idee. Dus begon ik te malen. Ik kwam er maar niet op. Een paar dagen later wist ik het zomaar ineens weer, terwijl ik op mijn werk zat. Het was Duncan Browne, met ‘Wild Places’. Nog geen vijf minuten later hoorde ik op Radio 2 de DJ iets aankondigen. “Zo meteen na het nieuws, Duncan Brown met ‘Wild Places’…”. Mijn mond viel eventjes open van verbazing. “Hee, da’s een mooi nummer”, hoorde ik een collega zeggen.

Een aantal dagen later hoorde ik een ander liedje voorbij komen terwijl mijn iPod op shuffle stond. Ook erg mooi. Het was een nummer van een verzamel-CD met obscure folkliedjes uit de jaren zestig die ik eens geupload had. Ik keek op het schermpje naar de naam van de uitvoerende. Daar was ‘ie ineens weer. Duncan Browne.

Ik ging maar eens wat research doen naar hem. Deze Engelse zanger, liedjesschrijver en multi-instrumentalist was geboren op 25 maart 1947. Hij bracht in 1968 zijn debuutalbum ‘Give Me Take You’ uit op Immediate Records, het platenlabel van Rolling Stones-manager Andrew Loog Oldham. Niet lang daarna ging Immediate ter ziele en mede daardoor verdween ‘Give Me Take You’ al heel snel in de obscuriteit. De plaat werd zo zeldzaam, dat verzamelaars later honderden euro’s zouden gaan betalen voor een goed exemplaar. Met Browne’s loopbaan kwam het nooit helemaal goed. Hij kwam in zijn thuisland uiteindelijk maar tot één bescheiden hitje: ‘Journey’ ging in 1972 naar nummer 23. De single ‘Wild Places’ was alleen in Nederland een hit, maar wel tweemaal: in 1979 ging het naar nummer 7, in 1991 naar plek 28. Op 28 mei 1993 overleed Browne op 46-jarige leeftijd aan kanker, na slechts vier albums gemaakt te hebben.

Er bleek ook nog eens een link te zijn tussen Browne en twee liedjes die in mijn top tien aller tijden staan, ‘I Won’t Let You Down’ van Ph.D. en ‘(How Can We) Hang on To a Dream’ van Tim Hardin. Browne nam zijn album ‘The Wild Places’ op met een begeleidingsband waarin onder meer toetsenist Tony Hymas en drummer Simon Phillips zaten. Zij zouden drie jaar later met zanger Jim Diamond het trio Ph.D. vormen. De bekendste versie van ‘Hang on To a Dream’ is wellicht niet het origineel van Tim Hardin zelf, maar de veel langere progrockversie van de Britse band The Nice. En die was dus gearrangeerd door Duncan Browne.

Ik ben niet iemand die gelooft in boodschappen uit het hiernamaals. Maar toch, dit begon inmiddels te lijken op een reeks nauwelijks te missen hints.

En dus bestelde ik een heruitgave van het album ‘Give Me Take You’. Die viel gisteren op de deurmat. De nummers hierop klinken in de verste verte niet als de softe, gelikte elektrische rock van ‘Wild Places’. Browne klnkt op zijn debuutalbum eerder als een minstreel. De liedjes zijn akoestisch, sfeervol en hoogst melancholisch, ze combineren pop, folk en barok en bevatten prachtige, spookachtige koortjes. De meer ingetogen liedjes doen sprookjesachtig en middeleeuws aan, terwijl de meer poppy liedjes me doen denken aan één van mijn favoriete albums, ‘Odessey and Oracle’ van The Zombies. Niet echt een gevalletje van “take me to the wild places” dus, zoals Browne zong op zijn enige Nederlandse hit. Maar ik vond het bij de eerste luisterbeurt al een prachtige plaat. Eentje waar ik ongetwijfeld nog vaak plezier van zal hebben.

Op deze manier wil ik best nog wel een paar keer achtervolgd worden.

dunc

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: