Archive for augustus, 2014

Weg

Mijn nieuwe boek ‘Weg’ is nu uit. Het bestaat uit de fictieve verhalen ‘Weg’, ‘Kruising’ en ‘Achterafweg’.

Het is te bestellen door mij een mail of berichtje te sturen, of via Bol.com.

In deze driedubbele thriller (196 pagina’s) vol volkslegendes en opmerkelijke verhalen uit de muziekgeschiedenis is een voortdurende strijd gaande tussen fictie en realiteit. En blijken paden uit verhalen die op zichzelf leken te staan elkaar soms toch ineens te kruisen…

Weg
Op een smal bosweggetje zijn de afgelopen tientallen jaren verschillende verlaten auto’s aangetroffen, van geen van de eigenaars werd vervolgens ooit nog iets vernomen. De verdwijningen worden door sommigen toegeschreven aan de geest van een vermoorde jonge vrouw. Op een camping niet ver van dit bosweggetje krijgt de jonge Nederlandse toeriste Anna dit verhaal te horen van een man die zich voorstelt als Victor en die niet lang daarna zelf verdwijnt. Speelt hij een spelletje met haar, of is er toch iets anders aan de hand?

Kruising
Een onsuccesvolle muzikant heeft al zolang hij zich kan herinneren een prachtig liedje in zijn achterhoofd. Hij weet niet zeker of hij het zelf bedacht heeft, maar slaagt er ook niet in om te achterhalen waar het vandaan zou kunnen komen. Net als hij besloten heeft om het maar gewoon op te nemen en uit te brengen komt hij iets verontrustends te weten over de oorsprong van het liedje…

Achterafweg
Henk is altijd een onopvallende man geweest, zijn hele bestaan is vrijwel onopgemerkt gebleven. Tot vandaag…

Het eerste hoofdstuk van ‘Weg’ kun je hier alvast lezen:

Nadat de hard wegscheurende auto uit het zicht en gehoor verdwenen was werd het vrijwel stil. De enige geluiden die overbleven waren het vochtige getik van regendruppels op de bladeren en het asfalt en een diepe, moedeloze zucht uit Charlotte’s eigen mond. Toen Robert voor de eerste keer zei dat ze uit moest stappen nam de ze hem nog niet zo serieus. En zelfs nadat hij zijn bevel vijf keer herhaalde, elke keer net wat luider dan de vorige keer, geloofde ze niet dat het hem bittere ernst was.
Charlotte leerde al vroeg in hun relatie dat ze Robert’s woorden vaak met een korreltje zout moest nemen, deze plotselinge vlaag van daadkracht kwam voor haar als een onaangename verrassing.
En dus liep ze nu vlak na middernacht eenzaam in de stromende regen over een smalle bosweg.
Ze was enkele kilometers verwijderd van de bewoonde wereld en naar haar veilige, droge en warme ouderlijk huis in Marcott was het ruim een uur lopen, mits ze deze stevige looppas voort bleef zetten. Al kon het onder deze omstandigheden nauwelijks een optie zijn om haar tempo te verlagen.
Nadat ze in het aardedonker in een diepe regenplas stapte en even hartgrondig een woord uitriep dat haar moeder nooit van haar tolereerde, besloot ze dat ze hem na dit voorval nooit meer hoefde te zien. Robert Riley junior was met onmiddellijke ingang de derde man die zich de ex van Charlotte Wilkins kon noemen. Gefeliciteerd en tot nooit meer ziens.
Dat de meiden op haar werk, die drie kwebbelkousen waar ze doorgaans de lunchpauze mee doorbracht, het er twee dagen geleden nog unaniem over eens waren dat hij de aantrekkelijkste man was die ze persoonlijk kenden en dat ze haar feliciteerden met deze “vangst” kon haar nu helemaal niets meer schelen. Ze mochten hem hebben.
Echter wel behoorlijk vervelend, zo bedacht ze zich ineens weer, was het feit dat Robert de enige zoon was van de directeur van het bedrijf waar haar vader Jack voor werkte.
Jack Wilkins aasde op een binnenkort vrij te komen betere positie en was er van overtuigd dat die functie hem, als de wellicht toekomstige schoonvader van de zoon van de directeur, nauwelijks nog kon ontgaan. Hij maakte die redenatie weliswaar met een knipoog, maar desondanks vatte Charlotte het op als een dringend verzoek om er voor te zorgen dat haar vader en de grootste textielbaron van de omgeving ooit grootvaders van dezelfde schatten van kleinkinderen zouden worden.
Ze was nooit echt verliefd geweest op Robert, ondanks pogingen om zichzelf te laten geloven dat ze het vast wel kon worden. Lichamelijk voelde ze aanvankelijk nog wel een aantrekkingskracht, uiterlijk was er echt helemaal niets mis met hem, maar ze merkte al snel dat ze op persoonlijk vlak geen enkele klik hadden. Ze vond hem dom, oppervlakkig en bovendien bot, exact de eigenschappen waar ze doorgaans het meest op afknapte bij mannen.
Het werd haar al enige tijd geleden duidelijk dat zij voor hem weinig meer was dan een trofee. Een mooie meid waarmee hij gezien kon worden.
In het begin was Robert nog galant en lief voor haar, maar sinds hij de buit binnen had, zoals hij het laatst tot haar ontsteltenis verwoordde, was hij omgeslagen als een blad aan een boom. Ze was nu zijn vriendin en ze moest hem maar nemen zoals hij was, vond hij. Inclusief zijn soms onuitstaanbare gedrag en zijn maar al te vaak onredelijke uitbarstingen.
Hij wist nauwelijks beter, zijn moeder pikte immers ook alles van zijn vader. Robert Riley senior kon de rol van de charmante, gelikte zakenman spelen als geen ander. Maar hij was binnenshuis een tiran die geen tegenspraak toestond van zijn vrouw Margaret en dat ook zelden kreeg.
Zoonlief keek enorm op tegen zijn vader en zag hem als zijn voorbeeld, al leek het voor hem wat te hoog gegrepen om echt te worden zoals hij. Junior, zoals hij thuis genoemd werd, had misschien wel de uitstraling en de charme, maar volgens menigeen zeker niet de hersens om zo succesvol als zijn ouweheer te worden.
Charlotte was voornamelijk op Robert’s avances ingegaan omdat dat haar een verstandige keuze leek. Het was een beslissing van haar hersenen, niet van haar hart. Toen hij vroeg of ze zijn vriendin wilde zijn voelde dat alsof ze een zakelijk aanbod kreeg dat ze bijna niet kon weigeren.
Ze kon het Robert in alle eerlijkheid nauwelijks kwalijk nemen dat zij voor hem een trofee was. Het was immers wederzijds. Waarom bleef ze anders vier maanden bij een man waar ze niet verliefd op was?
Eerder vanavond besloot ze dat vier maanden wellicht genoeg was. Ze verdiende iemand die echt van haar hield. En of hij ook iemand anders verdiende? Ze had een vaag vermoeden dat er al iemand anders was.
In zijn auto, terwijl hij haar van zijn ouderlijk huis in Southfield naar haar ouderlijk huis in Marcott bracht, zei ze hem dat ze twijfelde aan de levensvatbaarheid van hun relatie.
De hele dag had ze gevreesd voor zijn reactie. Hij kon soms behoorlijk opvliegerig zijn, daarom was ze bang voor een flinke woedeaanval en een scheldkanonnade.
Gescholden had hij uiteindelijk niet, wel kreeg hij inderdaad een angstaanjagende uitbarsting van woede. Ze had de zin ‘Wat denk jij, is het misschien beter als we uit elkaar gaan?’ nog maar nauwelijks uitgesproken toen hij vol op de rem trapte. Zo hard dat Charlotte loskwam van haar stoel en zich op had moeten vangen door haar handen in een reflex tegen het dashboard te drukken. Haar polsen deden er nog steeds een beetje zeer van.
Toen de auto volledig tot stilstand was gekomen had Robert heel langzaam zijn hoofd gedraaid. Ze schrok van zijn gezichtsuitdrukking. Zijn lippen waren stijf op elkaar gedrukt en in zijn ogen brandde pure woede. Hij zei maar één woord.
‘Uitstappen.’
De eerste keer fluisterde hij het op dreigende toon. Ze had hem smekend aangekeken.
‘Maar Robert…’
‘Eruit!’ schreeuwde hij, nadat hij een paar keer zijn eerste commando herhaald had. Met zijn mond op slechts zo’n dertig centimeter van haar oor riep hij het zo hard dat het bijna fysiek pijn deed aan haar trommelvlies en ze eventjes een fluittoon hoorde.
Charlotte had al snel beseft dat ze geen keus had. Robert was niet voor rede vatbaar.
Er zat nu niets anders op dan maar gewoon doorlopen. En hopen dat er misschien een automobilist langskwam die haar een lift wilde geven.
Ze had er nu wel enorm veel spijt van dat ze er op had gestaan dat Robert deze weg binnendoor nam. Als ze de iets langere route over de provinciale weg hadden genomen, dan zou ze nu tenminste langs een drukke weg staan en niet hier.
Ze wist al sinds haar kindertijd wat er gefluisterd werd over dit weggetje. Al eeuwenlang werd van generatie op generatie verteld over de heksen die hier hun bijeenkomsten zouden houden.
Nu was Charlotte wel achttien en geloofde ze natuurlijk allang niet meer in heksen die op bezemstelen rondvlogen en vloeken uitspraken. Maar toch, dit was bepaald geen prettige plek om ’s nachts te zijn. De realiteit was echter dat ze zich hier wel bevond, dus moest ze er maar het beste van maken.
Hardop begon ze zichzelf als een motivatiecoach moed in te spreken. Terwijl ze in een stevige looppas over het midden van de smalle strook asfalt liep ging haar optimistische kant in discussie met haar bangere helft.
‘Kom op Charlotte, het is even waardeloos, maar er is niets om bang voor te zijn. Wat moet je nou met die onnozele bovennatuurlijke verhalen?’
Verschrikt keek ze opzij, toen ze op enkele meters van haar vandaan een tak hoorde kraken. Ze staarde even in het donker, maar hoorde niets meer. Ze liep door en mijmerde verder.
‘En wat zou hier verder nog kunnen zitten waar je bang van zou moeten zijn? Is er de afgelopen jaren iemand vermoord of verkracht in Southfield of Marcott? Voor zover ik weet niet… Hier heeft de politie hooguit te maken met fietsendieven of jongens die vervelend doen met katapulten.’
Even zei ze niets. Op dat moment stapte ze wederom midden in een grote regenplas, maar ze besloot dat ze dit niet erg vond.
‘Natter dan doorweekt kun je toch niet meer worden…’ zei ze gemaakt optimistisch. ‘Bekijk het van de positieve kant. Toch goed dat je vanochtend voor open schoenen hebt gekozen in plaats van gympen en sokken. Het zou veel vervelender zijn als je die nu kletsnat om je voeten had.’
Langzaam maar zeker begon ze haar eigen peptalk te geloven en zowaar de lol van de situatie in te zien.
‘En er is toch niks mis met een wandelingetje op z’n tijd?’ ging ze verder. ‘En het is hier toch lekker rustig? Niets te zien, niets te horen behalve vallende regendruppels… Even alle zintuigen pauze geven en alleen zijn met je gedachten is ook zo slecht nog niet…’
Ineens hoorde ze ook iets anders dan de regen. Ze hoorde de dichterbij komende geluiden van een ronkende automotor en van autobanden die langzaam over nat asfalt rolden. Ze draaide zich om en zag vanuit de verte twee koplampen steeds groter worden.
‘Midden in de nacht in de regen door een bos lopen, natuurlijk is daar helemaal niets leuk aan, neem maar een ander in de maling,’ zei ze tegen zichzelf. ‘Ik ga liften!’
Ze stak haar rechterhand uit en hield haar duim omhoog, terwijl ze langzaam in de richting van de tegemoetkomende auto liep, die vaart minderde.
Ze slaakte opgelucht een zucht. Over een paar minuten zou ze wellicht veilig thuis zijn in Marcott.
De auto kwam bij haar tot stilstand. Charlotte verwachtte dat er een raampje of een deur open zou gaan en een inzittende haar zou vraag waar ze naartoe moest, of wat er loos was.
Maar er gebeurde helemaal niets. Een seconde of tien verstreek.
Ze bedacht zich dat de inzittenden van de auto wellicht gewoon wilden dat ze instapte. Ze zette twee passen in de richting van het achterste portier en stak haar hand uit om deze te openen.
Maar juist op dat moment begon de auto langzaam weer te rijden. Verbaasd keek Charlotte door de ramen naar binnen. Ze kon in het donker twee menselijke gedaantes ontwaren, die beiden hun gezicht afschermden met de rechterhand. Alsof ze niet wilden dat zij hen herkende.
Toen trok het voertuig op, om met een noodgang weg te scheuren en al snel uit zicht te verdwijnen. Nu was ze te laat om het opspattende regenwater te ontwijken.
Waar had ze dit nou aan verdiend?
Waren de inzittenden van de auto geïrriteerd geraakt omdat ze zolang wachtte met instappen?
Hadden ze haar misschien gewoon willen treiteren, door haar eerst te laten geloven dat ze een lift ging krijgen en er vervolgens snel vandoor te gaan?
Of vonden ze het idee van een wildvreemde in hun auto misschien bij nader inzien toch niet zo prettig?
Nee, dat laatste kon ze zich nauwelijks voorstellen. Als ze nu een grote, brede kerel was misschien wel, maar wat konden twee mensen samen nu te vrezen hebben van een tenger, nauwelijks een meter vijfenzestig lang meisje van achttien dat bovendien doorgaans een jaar of twee jonger geschat werd?
Wat de reden ook mocht zijn voor het plotselinge vertrek van de auto, er zat niets anders op dan gewoon verderlopen.
Zichzelf moed inspreken ging ze niet eens meer proberen. Onbegonnen werk. Charlotte’s humeur was dusdanig verpest dat er even geen plaats kon zijn voor optimisme. Het verstand op nul zetten en doorbijten was het enige wat ze nog kon doen. In zichzelf mopperend beende ze verder.
Enkele minuten later zag ze plotseling weer een auto. Twee koplampen kwamen haar dit keer tegemoet. Aan deze auto zou ze dus niets hebben, zo bedacht ze. Hij kwam immers uit de richting van Marcott en dat was waar ze nou juist naartoe moest.
Of kon het misschien die automobilist van zojuist zijn, die spijt had gekregen van zijn lompe gedrag en om was gedraaid om haar alsnog uit de brand te helpen?
Als dit hem weer was, dan wist ze zo net nog niet of ze überhaupt nog wel in wilde stappen. Iemand die zich zo vreemd gedroeg, dat moest wel een ontzettende mafkees zijn. Ze kon maar beter gewoon doorlopen en deze auto voorbij laten rijden.
Of kon ze misschien toch beter een lift terug naar Southfield nemen, als deze automobilist haar mee wilde nemen? Daar naar haar ouders bellen zou weinig zin hebben, die bezaten immers geen auto en geen van beiden een rijbewijs. Maar haar Tante Claire had wèl een auto en een rijbewijs.
Haar tante lag ongetwijfeld al te slapen, maar Charlotte vond het wel gerechtvaardigd om haar uit bed te halen. Ze stemde er achttien jaar geleden immers mee in haar peettante te worden, en hield peettante zijn niet onder meer in dat je beloofde een bijzondere zorg en aandacht te besteden aan je petekind? En ze was twee jaar geleden toch ook drie keer per week naar Tante Claire gefietst om haar te helpen bij het huishouden toen ze haar arm had gebroken?
Charlotte stapte van de weg en ging in de berm staan. Ze stak haar duim weer omhoog. De tegemoetkomende auto minderde vaart.

Als je de rest wil lezen kun je hier het boek bestellen!

Ook mijn vorige boeken Stukjes en De Mooiste Dagen zijn nog te bestellen.

Advertenties

Leave a comment »