De slechtste rockster aller tijden

Een mooie, zonnige namiddag op een zaterdag in juli 2004. Ik besefte me ineens dat ik wellicht nooit dichter zou gaan komen bij de fantasieën die ik had toen ik als kind op mijn slaapkamertje stond te playbacken met mijn goedkope akoestische gitaar. Ik was in Polen, een voor mij vreemd land waar ik nooit eerder geweest was en waar ik niemand kende. Ik stond in een groot park in Piaseczno, een voorstad van de hoofdstad Warschau, met mijn voeten op een flink podium en met een gitaar in mijn handen. Ik stond te spelen voor vele honderden mensen, misschien wel duizend. Voor de neuzen van mijn medebandleden en mij was een moshpit uitgebroken, er werd gesprongen en geduwd, er vlogen opblaasbare knuppels in het rond en mensen zongen luidkeels mee met onze nummers. Althans, zo leek het, veel monden gingen net zo overtuigend open en dicht bij onze splinternieuwe nummers die nog niemand kon kennen als bij het materiaal van onze debuut-cd.

Het publiek was eerder die dag opgewarmd door vijf Poolse groepen, daarop volgden de buitenlandse bands waarvan de namen ook een stuk prominenter op de grote, glanzende posters gedrukt stonden waarmee het festival aangekondigd was. En daar waren wij er dus één van, samen met groepen uit Amerika, Brazilië, Spanje en Duitsland. Ik was natuurlijk absoluut geen rockster, maar kon me er voor even wel eentje wanen. En dat voelde lekker. Het was een beetje alsof ik dan wel geen profvoetballer was bij PSV, maar toch maar mooi een oefenwedstrijdje mocht spelen in een redelijk gevuld Philips Stadion. Zelfs al kun je geen bal raken, in je eigen belevenis ben je dan eventjes Luc Nilis.

Ineens zag ik in een ooghoek een onvervalst rockcliché zich afspelen. Een mooie en overduidelijk dronken vrouw kwam moeizaam het podium op geklauterd, ze stond op en had het duidelijk voorzien op ons.

De eerste serieuze band waar ik in speelde, Striving Higher, kende een moeizaam bestaan. We repeteerden elke week fanatiek, we schrapten nummers die we niet goed genoeg meer vonden net zo snel als we nieuwe stukken schreven en we schraapten uit eigen zak het geld bij elkaar om onze eerste cd op te nemen en te laten persen. Die cd werd vervolgens positief ontvangen, maar veel leverde dat niet op. Het enige verschil was dat we daarna iets vaker dan voorheen voor een onkostenvergoeding en een paar consumptiebonnen mochten komen spelen in weer een kroeg in Brunssum, een jongerencentrum in Meddo of een muziekschooltje in Eersel.

Het was dan ook prettig dat ik in 2003 gitaar mocht komen spelen in een andere hardcoreband, Downslide. Weliswaar een pas opgerichte groep, maar wel eentje die bepaald niet vanaf nul hoefde te beginnen. Dankzij de reputatie en het netwerk die onze zanger opbouwde met zijn vorige bands kwam alles waar we met Striving Higher tevergeefs naar streefden bijna aangewaaid. Een in een vloek en een zucht uitverkochte demo, optredens als voorprogramma van populaire Amerikaanse bands, een cd en een 7″ op een mooi platenlabel met aanzien in het genre, optredens in Engeland, Frankrijk, Spanje, Duitsland, Polen…

Onze korte reeks van vier optredens in Duitsland en Polen in juli 2004 was bepaald niet glorieus begonnen. We trapten af in een schuur in Hamburg, waar we moesten vluchten voor een stel anarchisten die ons even niet meer zo aardig vonden. Daarop volgde een optreden in een kraakpand in het Poolse Gliwice, waar het publiek minder enthousiast op ons reageerde dan op de geïmproviseerde 90’s party die volgde. Maar het zonovergoten veld vol mensen in Piaseczno maakte een hoop goed.

Terwijl we zoals gebruikelijk ons best deden om energiek te spelen met zo min mogelijk pauzes tussen de nummers begon ik een beetje nerveus te worden. De vrouw die het podium op was gekomen had eerst onze andere gitarist aan de rechterkant van het podium te pakken gekregen. Ze was om hem heen gaan hangen en wat ze daarna deed, terwijl hij zo goed en zo kwaad als het ging doorspeelde, was wellicht een aanranding genoemd als hij het bij haar had gedaan. Vervolgens ging ze naar onze bassist, waarbij ze hetzelfde ritueel herhaalde. Ze keek nog even naar onze drummer, maar besefte dat het bij hem een lastig verhaal zou gaan worden met al die bekkens, trommels en standaarden om hem heen. Hij werd dus gespaard. Ik begon lichtelijk te zweten en vroeg me af hoe ik hier mee om zou gaan zodra ze bij mij zou arriveren. Er stonden immers honderden ogen op me gericht en leuk en spontaan omgaan met vreemde vrouwen is nooit één van mijn sterkste kanten geweest. Inmiddels was de zanger ten prooi gevallen aan onze momenteel grootste fan, al had hij het geluk dat hij in elk geval zijn handen vrij had. Terwijl ze nog om zijn nek hing zag ik dat de handtastelijke Poolse mij even van top tot teen inspecteerde. Ik wachtte op wat komen ging. Ze liet haar laatste slachtoffer los en begon weer vooruit te waggelen. Maar in plaats van mijn kant op te komen ging ze het podium af om zich te storten in de armen van de eerste de beste man die ze terug op de vaste grond tegenkwam, een fotograaf. Even later zag ik hem, samen met zijn nieuwe aanwinst, met een veelzeggende grijns weglopen.

Ik haalde opgelucht adem. Maar mijn rocksterillusies waren direct als sneeuw voor de warme Poolse zon verdwenen…

Piaseczno

Advertenties

1 Response so far »

  1. 1

    Annelies said,

    Ben daar in elk geval niet rouwig om! Het leven van rocksterren gaat echt niet over rozen.


Comment RSS · TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: