Rotterdam

Deze column heb ik geschreven voor Metro, dat een wedstrijd houdt voor lezerscolumns over het thema Rotterdam. Ik heb de artistieke vrijheid genomen om te schrijven vanuit mijn oogpunt van ruim een half jaar geleden. Mocht je er wat van vinden, klik dat a.j.b. even hier op en breng je stem uit.

Ik haat Rotterdam.

Ik haat dat ik 101,8 kilometer moet rijden om er te komen in mijn gammele oude autootje dat ik allang niet meer vertrouw. Ik haat dat mijn barrel voor die rit ook nog eens voor een euro of vijftien aan benzine eist. Ik haat de Drechttunnel, omdat het mijn grootste nachtmerrie is om uitgerekend dààr autopech te krijgen. Ik haat de A15, waarop ik altijd midden in de avondspits terecht kom. Ik haat dat ik in de stad al verschillende keren verdwaalde in een doolhof van éénrichtingswegen en afslagen die je alleen op bepaalde tijdstippen mag nemen. Ik haat de minder fraaie wijk in Charlois waar ze woont, met rotzooi op straat, met bovenburen die ’s nachts met meubels schuiven, met groepjes voetbalhooligans die ’s avonds blikken bier drinken voor haar voordeur. Ik haat het dat ik daar als jongen uit een Brabants dorpje sowieso nooit zal kunnen wennen en dat ik me er onmogelijk thuis zou kunnen voelen. Ik haat dat ze hier alleen zit op de avonden waarop we niet samen zijn. 101,8 Kilometer van mij vandaan.

Maar hier woont ze. En niet in Eindhoven, zoals in haar profiel stond. Het leek haar beter om iemand te zoeken uit de buurt van de stad waarin haar verleden ligt en waar ze ook haar toekomst ziet, zodra haar werk haar niet meer aan Rotterdam bindt. We vonden elkaar en nu trotseert mijn versleten Seat Ibiza dus op z’n laatste krachten twee maal per week de N269, de A58, de A16, de A15, de Groene Kruisweg en de Dorpsweg en wonen we twee avonden per week samen in Rotterdam. Zij vanwege haar werk, ik vanwege haar. Niet gaan is geen optie weer. Rotterdam was geen breekpunt. Als je voor de bijl bent gegaan dan wordt Rotterdam een detail.

Maar ondanks de avondspits en ondanks de flitspaal die me laatst te pakken had houd ik van de Dorpsweg. Als ik daar rijd dan ben ik er bijna. Ondanks de vervaarlijk uitziende figuren met Feyenoordtatoeages die voor haar deur posteren hou ik van haar straat. En ondanks de rommel en de sigarettenrook die haar buren daar achter hebben gelaten kan ik steeds niet wachten tot ik weer door het trappenhuis van haar appartementencomplex loop.

Rotterdam. Ik ben blij dat ik er weer ben.

Advertenties

1 Response so far »

  1. 1

    Wim van der Meij said,

    Mijn vriendin….uit Rotterdam….liet me jouw stuk lezen en een golf van herkenning kwam over me heen. Twee keer per week..nu door omstandigheden maar 1 keer week nog…..Ilpendam,..Rotterdam….de rondweg Amsterdam…de A2….met vele bekeuringen…tot de afslag Capelle en dan nog maar een klein stukkie door Ommoord, naar haar flatje…door een smerig trappenhuis omhoog naar 2 hoog en dan bij haar…..nu vrijdag weer….
    ik blijf je volgen…vriendelijke groet Wim


Comment RSS · TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: