Life of Brian

De nacht van 22 op 23 juni 2007. Ik zit in mijn eentje in de auto en ben op de terugweg van Groningen naar Reusel, in het zuiden van Brabant. De omstandigheden zijn niet ideaal. Het stortregent zo hevig dat ik niet verder vooruit kan kijken dan tot de auto direct voor me, daarbij kamp ik twee dagen nadat ik terug ben gekomen uit Mexico nog met een flinke jetlag. Ik ben zojuist voor de tweede keer in twee dagen naar een concert van mijn grootste muzikale held Brian Wilson geweest. Gisteren heb ik hem gezien in Carré in Amsterdam, vandaag in de Oosterpoort. Dat komt neer op zo’n 830 kilometer rijden en 110 euro entreegeld betalen voor twee keer dezelfde anderhalf uur muziek. Ik heb het er voor over. Je zou denken dat het dan vast twee geweldige concerten geweest zijn. Dat waren het niet. Althans, niet volgens de reguliere maatstaven.

Even terug naar het begin van het concert in de Oosterpoort. Als je Brian Wilson het podium op ziet waggelen heeft hij iets weg van een vriendelijke beer uit een tekenfilm. Hij is te zwaar, ziet er geen dag jonger uit dan zijn 65 jaar en ondanks bijna een halve eeuw podiumervaring zie je direct aan hem dat hij zich niet comfortabel voelt. Alles aan zijn houding zegt dat hij liever ergens anders zou willen zijn, ergens waar niet honderden ogen op hem gericht zijn. Hij neemt plaats achter zijn keyboard als een ambtenaar achter zijn bureau op maandagochtend. Het instrument raakt hij doorgaans niet of nauwelijks aan zo weet ik al, het is vooral een decorstuk waar hij zich een klein beetje achter kan verschuilen. Een soort barrière tussen hem en het publiek. Op het apparaat staat een monitorscherm waar hij zijn teksten van af zal lezen.

De drummer tikt af en dan begint de muziek. De band speelt ‘Catch a Wave’, een nummer dat Brian 43 jaar eerder geschreven heeft. Het is verbazingwekkend hoeveel de uitvoering lijkt op de originele opname. Het is alsof een muzikale klassieker voor je eigen ogen en oren tot leven komt. Brian neemt in de rijke, overweldigende koortjes de laagste partij voor zijn rekening. Hij heeft enige moeite om helemaal toonvast te blijven. Achter hem staat een man in Hawaii-hemd, die qua leeftijd zijn zoon had kunnen zijn, loepzuiver de hoogste partij te zingen. De partij die Brian 43 jaar geleden zelf zong. Toen hij die tonen nog kon halen.

1966. Brian Douglas Wilson heeft de wereld aan zijn voeten. Hij is het voornaamste lid en de geestelijke vader van The Beach Boys, de enige Amerikaanse band die de “British Invasion” vrijwel ongeschonden door is gekomen en de concurrentieslag met The Beatles enigszins aankan. Sterker nog, The Beach Boys hebben recentelijk The Fab Four verslagen in een Britse populariteitspoll. Alhoewel hij pas 23 jaar oud is heeft Brian met zijn groep al elf studioalbums uitgebracht en niet minder dan 32 hitsingles op zijn naam staan. Bijna alle muziek op die albums en singles werd door hem zelf geschreven, geproduceerd en gearrangeerd, bovendien was hij leadzanger op veel van de belangrijkste nummers.

Zijn laatste single ‘Good Vibrations’ was een uitzonderlijk ambitieus project. De 3 1/2 minuut durende “pocket symphony” kostte zes maanden en negentig uur aan tape om op te nemen. Maar het harde werk heeft zich uitbetaald, de single komt bijna overal ter wereld op één. En nu is Brian vastberaden om een album vol met complexe popmeesterwerkjes zoals ‘Good Vibrations’ te schrijven. ‘SMiLE’ moet het gaan heten.

Intussen merkt zijn omgeving dat Brian’s drugsgebruik een beetje uit de hand begint te lopen. Hij heeft na het blowen ook LSD ontdekt en gebruikt het regelmatig voor inspiratie. Zijn vreemde uitspattingen beginnen ook toe te nemen. Hij laat een zandbak en een wigwam in zijn woonkamer plaatsen. Vergaderingen houdt hij voortaan in zijn zwembad omdat hij zeker weet dat producer Phil Spector, die hij ziet als zijn voornaamste concurrent, microfoontjes in zijn huis verstopt heeft. Als hij op een nacht een telescoop wil kopen en daarvoor nergens terecht kan krijgt hij het idee om zelf een telescoopwinkel te openen die vierentwintig uur per dag open is. Nog alarmerender is dat Brian stemmen in zijn hoofd begint te horen die hem onder meer zeggen dat ze hem zullen gaan vermoorden. Toch gaan er bij Brian’s vrienden nog niet echt alarmbellen af. Een gewone sterveling die gekke dingen doet is gek, een artiest die gekke dingen doet is excentriek.

Het album dat Brian’s magnum opus moest worden wordt uiteindelijk zijn ondergang. Brian’s fragiele mentale gesteldheid bezwijkt onder de druk. Hij kampt met schizofrenie en depressies. Hij heeft die stemmen in zijn hoofd. Zijn hebberige platenmaatschappij en bandleden eisen op korte termijn een nieuw album met meer hits. En ‘SMiLE’ is zo’n complexe warboel van losse fragmenten en experimenten dat het moeilijk is er nog een album van te smeden dat het grote publiek zal begrijpen. Alles bij elkaar opgeteld is het net wat teveel. Na negen maanden hard werken aan wat het grootste album in de popgeschiedenis had moeten worden geeft hij het medio 1967 op. ‘SMiLE’ gaat onvoltooid het archief en de geschiedenisboekjes in.

De schade aan Brian’s ego is enorm. Langzaam maar zeker wordt hij steeds minder actief. Niet alleen als het brein achter The Beach Boys, ook als mens. Hij wordt een kluizenaar die soms hele dagen in bed doorbrengt. Zelfs als de andere Beach Boys dan maar besluiten om de opnamestudio te verplaatsen naar Brian’s woonkamer kan hij het maar zelden opbrengen om naar beneden te komen. Zijn vrouw Marilyn krijgt te horen dat ze niet op manlief hoeft te rekenen bij het opvoeden van hun twee dochters. Brian heeft het al zwaar genoeg met zichzelf.

Brian is op zijn absolute dieptepunt rond 1982. Zijn gewicht begint gevaarlijk dicht bij de 200 kilo te komen, hij eet de hele dag door biefstukken, heeft een stevige cocaïneverslaving ontwikkeld en rookt vijf pakjes per dag. De doucheruimte heeft hij al maanden niet meer van binnen gezien. Hij is bang dat er slangen uit de douchekop zullen komen als hij de kraan aanzet. In de afgelopen vijftien jaar heeft hij nog maar zelden met The Beach Boys op een podium gestaan. En dat is waarschijnlijk maar goed ook. Zijn spaarzame optredens waren niet zelden ronduit beschamend. Voor de ogen van het publiek heeft hij paniekaanvallen gehad en is hij op de vuist gegaan met zijn neef en mede-Beach Boy Mike Love. Hij heeft moedwillig optredens gesaboteerd door domweg midden op het podium te gaan liggen of door een ander nummer te spelen dan de rest van de band. En als ‘Heroes and Villains’ gespeeld wordt, dat het sleutelnummer van ‘SMiLE’ had moeten worden, gaat Brian er snel vandoor. Zijn trauma is te groot om het nummer aan te kunnen horen.

De hoogst controversiële psycholoog Eugene Landy wordt voor een tweede keer ingehuurd om Brian weer op het rechte pad te krijgen. Dat heeft hij in 1975 ook al eens gedaan. Dankzij zijn extreem intensieve en behoorlijk onorthodoxe aanpak keert Brian wederom terug op aarde. Jarenlange drugs- en sigarettenverslavingen hebben zijn stem gesloopt en de nieuwe nummers die hij schrijft klinken pijnlijk ongeïnspireerd, maar hij ziet er weer slank en gezond uit, komt aardig uit zijn woorden en werkt optredens gedisciplineerd af.

Er ontstaat echter een nieuw probleem dat Brian’s leven begint te bedreigen. Eugene Landy zelf. Landy is na enige tijd niet alleen meer Brian’s psycholoog, maar ook zijn beste vriend, manager, co-songschrijver, co-producer en huisgenoot. Er ontstaat een bijzonder ongezonde situatie en Brian kan niet meer functioneren als Landy hem niet influistert wat hij moet doen. Als na enkele jaren Brian’s familie eindelijk ingrijpt krijgt Landy een omgangsverbod en verliest hij zijn licentie. De schade die hij aangericht heeft blijkt nog groter dan gevreesd: de vele medicijnen die Landy Brian heeft laten slikken hebben zijn hersenen blijvend aangetast.

Er waren meerdere Brian Wilsons. Eerst was er de onberispelijk gekapte, ietwat slungelige en gevoelige jongen met een perfecte zangstem, die de popklassiekers uit zijn mouw schudde. Daarna was er de excentrieke artiest, het vernieuwende popgenie dat een dappere creatieve strijd streed tegen The Beatles en in de studio vol zelfvertrouwen de regisseur was over de absolute elite van de Amerikaanse sessiemuzikanten. Vervolgens was er de te dikke kluizenaar, verslagen door het leven, nauwelijks functionerend als mens of als muzikant en afstevenend op zelfvernietiging. Daarna was er de gezond ogende, schijnbaar herboren Brian die in werkelijkheid een gedrogeerde marionet was van een Svengali-achtige psycholoog die een prima slechterik zou zijn geweest in elk misdaadverhaal.

De Brian Wilson die vandaag in de Oosterpoort stond kampt nog altijd met angsten en stemmen in zijn hoofd. Dankzij de juiste medicijnen worden die echter redelijk onder controle gehouden. Hij leeft wederom met iemand samen die hem regelmatig bij moet sturen, maar dit keer is dat geen hebberige, publiciteitsgeile psycholoog maar een echtgenote die oprecht om hem lijkt te geven. Samen met deze Melinda Wilson deelt Brian nu een levendig huis vol met adoptiekinderen en honden. In 1999 is hij weer begonnen met regelmatig touren, iets wat hij daarvoor al bijna 35 jaar niet meer had gedaan. Bovendien is hij er in 2004 in geslaagd om ‘SMiLE’, nu samen met zijn nieuwe begeleidingsband, alsnog te voltooien en het uit te brengen. Het album is uiterst positief onthaald en heeft een gigantische last van Brian’s schouders gehaald.

De Brian Wilson die vandaag in de Oosterpoort stond is niet één van de zuiverste zangers die je op een podium aan kunt treffen. Niet één van de meest overweldigende performers. Niet één van de meest charismatische persoonlijkheden. Brian Wilson is daarentegen voor een niet onaanzienlijk deel verantwoordelijk voor het huidige imago van Californië als de paradijslijke “Sunshine State”. Hij liet John Lennon en Paul McCartney zweten en de lat voor zichzelf steeds een beetje hoger leggen, wat ondermeer leidde tot ‘Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band’. Hij schreef minstens een dozijn evergreens die vrijwel iedereen in de Westerse wereld bekend in de oren zullen klinken. In het rijtje bands dat de jaren zestig, toch het meest cruciale decennium in de popcultuur, kleur gaven hoeft Brian’s geesteskind The Beach Boys hooguit The Beatles and The Rolling Stones voor zich te dulden. En nu, op de pensioengerechtigde leeftijd, doet hij dingen waar hij de voorgaande veertig jaar niet meer toe in staat geacht werd.

Als je vandaag de dag naar een optreden van Brian Wilson gaat kan het dus zijn dat hij ‘God Only Knows’, ‘Good Vibrations’, ‘Wouldn’t It Be Nice’, ‘California Girls’, ‘I Get Around’, ‘Surfin’ USA’, ‘Surfer Girl’, ‘Sloop John B.’ en al die andere klassiekers niet helemaal zuiver zingt. Misschien moet hij ook even op het schermpje spieken waar zijn songteksten op staan. Maar het geeft niet. Een optreden van Brian Wilson moet je niet op zichzelf zien maar in z’n context, met zijn staat van dienst, zijn levensverhaal en alle tragedies die hij overwonnen heeft in je achterhoofd. Dan zie je hem een indrukwekkende prestatie leveren waar elk vlekkeloos optreden van elke band die net één of twee succesvolle albums op de CV heeft staan bij verbleekt.

Terwijl ik de achterlichten van de auto voor me volg en er op moet vertrouwen dat de bestuurder daarvan door de stortregen wèl nog genoeg kan zien om recht op de weg te blijven hoop ik dat ik heelhuids thuis ga komen. En dat Brian Wilson snel weer naar Nederland komt.

Advertenties

1 Response so far »

  1. 1

    Jose said,

    Wat een geweldig pleidooi voor je grote idool. Wie zou er geen begrip op kunnen brengen voor de Life of Brian na het lezen van zo’n uiteenzetting.


Comment RSS · TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: